informatie & inspiratie

Over de toekomst van theater en CKV

Cock Dieleman

Universitair docent theaterwetenschap aan de Universiteit van Amsterdam en gespecialiseerd in theatereducatie

In een brief aan de Tweede Kamer van 2 maart jl. heeft minister Van Bijsterveldt aangekondigd dat de culturele vorming in de bovenbouw van havo en vwo in de toekomst anders zal worden vormgegeven. Het vak Culturele en Kunstzinnige Vorming (CKV) zal in zijn huidige vorm niet langer worden voorgeschreven. CKV werd in 1999 geïntroduceerd als onderdeel van de Tweede Fase.

Er is in het afgelopen decennium veel gemopperd  over de gevolgen van de invoering van die Tweede Fase. Met name het Studiehuis met zijn nadruk op zelfstandig leren moest het ontgelden. De manier waarop dit didactische concept aan het onderwijsveld is opgelegd, verdient op zijn zachtst gezegd geen schoonheidsprijs, en heeft mogelijk zelfs negatieve gevolgen gehad voor de kwaliteit van het onderwijs. Toch zijn de veranderingen die de Tweede Fase en het Studiehuis hebben gebracht, niet uitsluitend verslechteringen geweest.  Dit geldt bijvoorbeeld voor de plaats van cultuureducatie in het voortgezet onderwijs, en meer in het bijzonder voor theatereducatie als onderdeel van dit leergebied.
 
Stimulans
Met de invoering van de Tweede Fase werd CKV onderdeel van het examenprogramma van havo en vwo, waarbij de nadruk voor het eerst op receptieve cultuureducatie kwam te liggen. Leerlingen gingen culturele activiteiten buiten de zo vertrouwde schoolomgeving ondernemen, en theaterbezoek maakte daar een belangrijk onderdeel van uit. Voor het theaterveld betekende de invoering van CKV dan ook een stimulans om zich meer nadrukkelijk met  kunsteducatie bezig te houden. Voor theaters en gezelschappen is educatie niet alleen een vanzelfsprekend onderdeel maar steeds nadrukkelijker ook een speerpunt van het beleid geworden. CKV heeft in het Nederlandse onderwijs en in de theaterwereld dus heel wat in gang gezet, maar de vraag is hoe stevig de positie van de receptieve cultuureducatie in het onderwijs nu eigenlijk is. Er zijn maar weinig richtlijnen voor CKV. De exameneisen passen op één A4tje en voor het vak wordt geen cijfer gegeven.  Daarmee zijn de kwaliteit en de status van het CKV-onderwijs sterk afhankelijk van de individuele docent en de mate waarin die door zijn directie gefaciliteerd wordt.  Het gevolg is helaas dat niet op alle scholen het vak even serieus wordt genomen.
 
Vrijblijvendheid
Toch vindt minister Van Bijsterveldt dat cultuureducatie met CKV nog te veel in een keurslijf gedwongen is. In haar brief vraagt ze zich af of “scholen voldoende ruimte hebben om culturele vorming naar eigen inzicht en op een bij de school passende manier vorm te geven.”  Daarom wil ze “meer ruimte bieden voor een schooleigen invulling van de voor alle leerlingen verplichte, bredere, culturele en vormende, taak van het onderwijs”. Dit levert volgens haar niet alleen meer vrijheid maar ook een “kwaliteitsverbetering van die culturele vorming” op. Waar ze dat op baseert, blijft helaas in dichte nevelen gehuld. Ongetwijfeld zullen scholen die al een sterk cultureel profiel hebben deze vrijheid goed weten te gebruiken, maar of die kwaliteitsverbetering zich ook zal voltrekken op scholen waar cultuureducatie nu al een marginale positie heeft, is zeer de vraag. Zonder richtlijnen kan de door het kabinet zo gewenste vrijheid al snel verworden tot vrijblijvendheid. En de algemeen vormende taak die de minister – en daarin ben ik het volledig met haar eens – zo belangrijk vindt, lijkt me bedoeld om de verschillen in culturele bagage tussen leerlingen te verkleinen, niet te vergroten.

andere artikelen

Over de toekomst van theater en CKV

Cock Dieleman - in 'Waarom theatereducatie?'

Opstoken

Els van Strien - in 'Hoe pak ik het aan?'

Van flirt naar echte verkering

Wilma Smilde - in 'Hoe kan ik samenwerken?'

Een mooie theaterervaring voor iedereen

Anoek Jentjens - in 'Naar het theater?'

Samenwerking in Den Haag: De Toneelalliantie

Redactie - in 'Hoe kan ik samenwerken?'

Lekker belangrijk!

Brechtje Zwaneveld - in 'Waarom theatereducatie?'

Deel dit op